ouder / ou-der ( de (m) | znw | ouders )
1親 [(vader of moeder)]
2両親 [(beide ouders, vader en moeder)]
Kruisverwijzing
ouder
| lemma | meaning |
|---|---|
| agemaki-揚巻 | ouderwetse traditionele haarstijl van jongens (met een scheiding in het midden) |
| aijitsu-愛日 | toegewijd [attent; respectvol] zijn (t.a.v. zijn of haar ouders) |
| ama-尼 | (afk. van 尼削) het afknippen van haar op schouderlengte |
| ama-尼 | jong meisje met haar tot op schouderlengte |
| anchan-兄ちゃん | oudere broer |
| ane-姉 | oudere zus [zuster]; schoonzus |
| anego-姉御 | oudere zus (beleefdheids vorm) |
| anegohada-姐御肌 | zusterlijk zijn; zich (zorgzaam) als een oudere zus gedragen |
| aneki-姉貴 | oudere zus [zuster] |
| anemuko-姉婿 | de man [echtgenoot] van de oudere zuster; zwager |
| anesannyōbō-姉さん女房 | een vrouw die ouder is dan haar man [echtgenoot] |
| ani-兄 | oudere broer |
| anideshi-兄弟子 | ouderejaars; leerling [student] in hogere klas |
| anii-兄い | oudere broer; ouder iemand (dan jijzelf) |
| aniki-兄貴 | oudere broer; man die ouder is dan jijzelf |
| anisan-兄さん | oudere broer (familiair en respectvol) |
| aniyome-兄嫁 | schoonzus; vrouw [echtgenote] van oudere broer |
| anko-あんこ | (in Tohoku) oudste zoon; oudere broer |
| anteikabunushi-安定株主 | sterke [loyale] aandeelhouder (die een aandeel voor langere tijd in bezit heeft) |
| arukaikku-アルカイック | archaïsch; verouderd |
| asshi-あっし | (informele, ouderwetse manier om naar zichzelf te verwijzen, gebruikt door mannen) ik |
| asshi-私 | (informele, ouderwetse term, gebruikt door mannen, voor de eerste persoon enkelvoud) ik; mij |
| atenuno-当て布 | een schouderband; een schouderstuk voor het dragen van iets zwaars |
| auto・obu・dēto-アウト・オブ・デート | ouderwets; verouderd |
| bangaku-晩学 | studie laat in je leven; studie [opleiding] (beginnen) op oudere [hoge] leeftijd |
| bannen-晩年 | laatste jaren (van een mensenleven); levensavond; oude dag; ouderdom |
| baria・furī-バリア・フリー | toegankelijkheid (voor ouderen en mensen met een beperking) |
| bea・toppu-ベア・トップ | (kleding) mouwloos met blote schouders |
| bekke-別家 | een nieuwe tak van een familie; uit het ouderlijk huis gaan en een eigen gezin stichten |
| bintēji-ビンテージ | oud; antiek; ouderwets; gedateerd |
| bōkei-亡兄 | een overleden oudere broer |
| bokuchiku-牧畜 | veeteelt; veehouderij |
| bokufu-牧夫 | veehouder |
| bokujin-牧人 | veehouder; herder |
| bokusha-牧者 | veehouder; herder |
| bokuyō-牧羊 | schapenhouderij; schapenfokker |
| bokuyōgyōsha-牧羊業者 | schapenfokker; schapenhouder |
| bōshi-亡姉 | overleden oudere zus |
| burajā-ブラジャー | beha; bh; bustehouder |
| bussan-仏参 | een bezoek aan een boeddhistische tempel of een graf (van voorouders) |
| busso-仏祖 | Boeddha en voorouders |
| byōdō-廟堂 | mausoleum; een plaats waar de geesten van voorouders worden aanbeden |
| chijin-地神 | voorouderlijke geesten; huisgoden |
| chōja-長者 | oudere; persoon met een hoge status in een vakgebied |
| chōrō-長老 | een oudere; senior; nestor |
| chūburu-中古 | tweedehandse artikelen; licht verouderde [gebruikte] spullen |
| chūkei-仲兄 | de jongste van twee oudere broers; de tweede broer van boven; de op een na oudste broer |
| chūsekisei-沖積世 | alluvium (verouderde naam voor het holoceen) |
| dasai-ださい | ouderwets; uit de mode; provinciaal; eenvoudig |
| demodori-出戻り | gescheiden vrouw (die weer bij haar ouders woont) |
| disupensā-ディスペンサー | automaat; houder |
| dokkyorōjin-独居老人 | alleenstaande [alleenwonende] oudere mensen |
| enkai-延会 | uitgestelde aandeelhoudersvergadering |
| fōru-フォール | (worstelen) touché; schouderlegging |
| fubo-父母 | vader en moeder; ouders |
| fubokai-父母会 | oudervereniging |
| fudetate-筆立て | houder [glas; beker] om schrijfpenseel rechtop te zetten (zonder reiniging, voor hergebruik later) |
| fūju-風樹 | gedachten aan de overleden ouders |
| fukekomu-老け込む | verouderen; er ouder uit komen te zien |
| fukeyaku-老け役 | rol van een ouder personage [oude man] in een toneelstuk; een acteur verkleed als oude man |
| fune-船 | vat; tank; houder; reservoir |
| furikaeru-振り返る | (achter)omkijken; je hoofd omdraaien; over je schouder kijken; zich omdraaien |
| furiwake-振り分け | bagage in tweeën verdeeld over de schouders dragen |
| furubiru-古びる | verouderen; oud worden; er oud uit zien |
| furui-古い | oud; antiek; ouderwets |
| furukusai-古臭い | muf; bedompt; verschaald; ouderwets; versleten; aftands |
| fuso-父祖 | voorouders |
| gasu・tanku-ガス・タンク | gastank; gashouder; gasreservoir; gasmeter |
| gei・bōi-ゲイ・ボーイ | (verouderde term) een man die het uiterlijk en de taal van vrouwen imiteert (m.n. als beroep) |
| geko-下戸 | een niet-drinker; geheelonthouder; iemand die geen alcohol drinkt [kan drinken] |
| genrō-元老 | oudere; nestor; senior; oudere staatsman; veteraan |
| gifubo-義父母 | schoonouders |
| girinoryōshin-義理の両親 | schoonouders |
| gukei-愚兄 | domme oudere broer |
| gukei-愚兄 | (bescheiden term voor je eigen) oudere broer |
| gukeikentei-愚兄賢弟 | dwaze oudere broer, wijze jongere broer |
| gunsen-軍船 | (ouderwets Japans) oorlogsschip |
| gurō-愚老 | (nederig beleefde term waarmee ouderen naar zichzelf verwijzen, b.v.:) ik, oude man; deze oude vrouw |
| gyakuen-逆縁 | een oudere die begrafenisdienst voor een jong familielid leidt |
| haigo-廃語 | een verouderd [in onbruik geraakt] woord |
| haimetsu-廃滅 | het ouderwets worden; uit de mode [gratie] raken; verdwijnen |
| haimetsusuru-廃滅する | ouderwets worden; uit de mode [gratie] raken; verdwijnen |
| haimisu-ハイミス | oude vrijster; oudere ongetrouwde vrouw |
| hakama-袴 | een houder voor een warme fles sake |
| hankenshoyūsha-版権所有者 | auteursrecht [copyright] houder [bezitter] |
| hashigo-梯子 | (afk. voor) ladder-vasthouder (historische brandweertaak) |
| hashigomochi-梯子持 | ladder-vasthouder (historische brandweertaak) |
| hashioki-箸置き | eetstokjeslegger; eetstokjes houder |
| hikkan-筆管 | penseelhouder (van glas e.d. om het schrijven tijdelijk te onderbreken) |
| hinawajū-火縄銃 | musket; haakbus (ouderwets geweer met een lont) |
| hisōzokunin-被相続人 | voorouder; erflater |
| hizamoto-膝元 | onder de zorg [bescherming] van de ouders |
| hogoshakai-保護者会 | oudervereniging (op school) |
| hoiku-哺育 | verzorging, voeding en bescherming van jonge zoogdieren door de ouders |
| hojisha-保持者 | houder (van een record, titel, vergunning, etc.) |
| horudā-ホルダー | (iets) houder; etui; koker |
| horudā-ホルダー | (iemand) bezitter; houder (van een record, titel, etc.) |
| hoyūsha-保有者 | bezitter; eigenaar; houder; drager |
| iisuteru-言い捨てる | bij het weggaan nog (over je schouder) iets zeggen; een laatste opmerking maken (zonder op antwoord te wachten) |
| ikarigata-怒り肩 | rechte schouders |
| ikujikyūgyō-育児休業 | ouderschapsverlof |
| ikusabune-軍船 | (ouderwets Japans) oorlogsschip |
| imogashira-芋頭 | ouderknol [hoofdknol] van een taro |
| inchi-印池 | houder voor stempelkussen |
| ire-入れ | houder; etui; foedraal; holster; kist; koffer |
| isei-遺制 | uit vroeger tijden bewaard gebleven systeem; verouderde gewoonten |
| itoku-遺徳 | verdienstelijke nalatenschap door de deugd van een voorouder [stamvader] voor zijn nakomelingen |
| jidaiokure-時代遅れ | verouderd; uit de tijd |
| jidōfurikomi-自動振込 | automatische incasso [overschrijving] door de bank (met machtiging van de rekeninghouder) |
| jigami-地神 | voorouderlijke geesten; huisgoden |
| jikka-実家 | ouderlijk huis |
| jikkei-実兄 | biologische (oudere) broer |
| jōkyūsei-上級生 | ouderejaarsstudent; een ouderejaars |
| jōsashi-状差し | brievenstandaard; brievenhouder |
| ju-寿 | ouderdom; hoge leeftijd |
| jūkei-従兄 | (oudere) neef |
| jun'en-順縁 | het feit dat in de natuurlijke loop der dingen de mensen sterven in volgorde van ouderdom |
| jurei-樹齢 | de leeftijd [ouderdom] van een boom |
| jūshi-従姉 | (oudere) nicht |
| kabunushi-株主 | aandeelhouder |
| kabunushisōkai-株主総会 | (algemene) aandeelhoudersvergadering |
| kabushikiginkō-株式銀行 | aandelenbank (een bank die eigendom is van en wordt gecontroleerd door aandeelhouders) |
| kabushikimeigara-株式銘柄 | naamregister van aandeelhouders |
| kaigarabone-貝殻骨 | schouderblad |
| kakaeru-抱える | iets in je armen houden [dragen]; ergens mee zitten; bezorgd zijn; (een last) op de schouders hebben (fig.) |
| kakei-家兄 | mijn oudere broer |
| kan-監 | (China) toezichthouder op lokale leenheren e.d. |
| kangoken-監護権 | voogdij; ouderlijk gezag |
| kanji-監事 | inspecteur; supervisor; toezichthouder |
| karei-加齢 | veroudering; het ouder worden |
| karioya-仮親 | pleegouder |
| kasumime-翳み目 | aandoening waarbij het gezichtsvermogen is verslechterd door ouderdom, ziekte, etc.; slechtziendheid |
| kata-肩 | schouder |
| kataguruma-肩車 | het iemand op de schouders dragen |
| katahaba-肩幅 | schouderbreedte |
| katahada-片肌 | één schouder ontbloot (bij het dragen van een kimono) |
| katahiji-肩肘 | schouders en ellebogen |
| kataire-肩入れ | het schoudergedeelte van een kimono, dat is gemaakt van een apart stuk stof |
| katakori-肩凝り | stijve schouder(s); stijve nek |
| kataoya-片親 | één ouder |
| kataoya-片親 | een alleenstaande ouder |
| katasaki-肩先 | topje [punt; uiteinde] van de schouder (begin van de bovenarm) |
| katasen-肩線 | schouderlijn; schoudernaad |
| katasukashi-肩透かし | (techniek in sumo worstelen) onder-schouderzwaai naar beneden |
| katatataki-肩叩き | in een bedrijf iemand met een schouderklopje aansporen om vervroegd met pensioen te gaan [ ontslag te nemen] |
| katatataki-肩叩き | iemand lichtjes op de schouders kloppen (tegen stijfheid) |
| kei-兄 | (in kanji combinaties) oudere broer |
| keinenrekka-経年劣化 | slijtage; veroudering |
| keirishi-計理士 | boekhouder (zonder de formele certificering van registeraccountant) |
| keirō-敬老 | respect voor ouderen |
| keirōnohi-敬老の日 | Respect voor de Ouderen Dag (Japanse nationale feestdag, op de derde maandag in september) |
| keisaku-警策 | (zen-boeddh.) lat om een slag te geven op de rechterschouder van een meditatie-beoefenaar ter waarschuwing om niet te verslappen |
| keishi-兄姉 | oudere broer(s) en zuster(s) |
| kengyō-検校 | toezichthouder bij administratieve zaken van een heiligdom of tempel |
| kenkei-賢兄 | uw oudere broer |
| kenkei-賢兄 | wijze oudere broer |
| kenkōkotsu-肩甲骨 | schouderblad; scapula |
| kēpu-ケープ | cape; schoudermantel |
| kēsu-ケース | koffer; tas; doos; kist; omhulsel; houder; etui |
| kibutsu-器物 | koker; houder; container; vat |
| kinkō-金鉱 | gouderts |
| kiru-着る | aantrekken [dragen] (van kleding, vanaf de schouders) |
| kisei-帰省 | terugkeer naar geboortestreek of ouderlijk huis |
| kōbako-香箱 | wierookhouder; doosje [kistje] om wierook in te bewaren |
| kojinkabunushi-個人株主 | particuliere aandeelhouder |
| kōkō-孝行 | (Confucianisme) trouw en gehoorzaamheid (van kinderen) aan hun ouders (of andere oudere familieleden) |
| kokorogakari-心がかり | zorg; bezorgdheid; last op je schouders |
| kon-昆 | (in kanji combinaties) oudere broer; afstammeling; later; na; veel |
| kōnenreishakoyōanteihō-高年齢者雇用安定法 | Wet stabilisering werkgelegenheid voor oudere werknemers (Eng,: Elderly Persons Employment Stabilization Law) |
| kōreika-高齢化 | vergrijzing; veroudering (hoger worden van de gemiddelde leeftijd) |
| kōreikasuru-高齢化する | vergrijzen; verouderen; hoger worden van de gemiddelde leeftijd |
| kōreisha-高齢者 | oude mensen; ouderen; bejaarden; mensen op hoge leeftijd |
| korō-古老 | een oudere persoon; een bejaarde |
| kōro-香炉 | wierookvat; wierookbrander; wierookhouder |
| kōshin-孝心 | toewijding aan [respect voor] ouders [ouderen] van kinderen |
| kosodate-子育て | (kinder)opvoeding; ouderschap |
| kotai-古体 | ouderwets; klassieke stijl |
| kōtei-孝悌 | (confucianisme) eerbied voor ouderen; kinderlijke gehoorzaamheid; vroomheid; broederliefde |
| kotobuki-寿 | lang leven; lange levensduur; hoge ouderdom |
| kutsushitadome-靴下留め | kousenband; kousenophouder |
| kyōsaku-警策 | (zen-boeddh.) lat om een slag te geven op de rechterschouder van een meditatie-beoefenaar ter waarschuwing om niet te verslappen |
| kyūha-旧派 | ouderwetse stijl; (van de) oude stempel |
| kyurī-キュリー | curie (Ci, een verouderde eenheid van radioactiviteit) |
| mabiki-間引き | infanticide; kindermoord (door de ouders) |
| maekagami-前屈み | het met afhangende schouders [een ronde rug] lopen; gebukt [gebogen] lopen |
| maekogomi-前屈み | afhangende schouders; slappe [gebukte] houding |
| mamaoya-継親 | stiefouder |
| meigikakikaedairinin-名義書き換え代理人 | beheerder van het aandeelhoudersregister |
| meiginin-名義人 | houder (van aandelen, effecten, pacht, etc.) |
| mōdō-艨艟 | (ouderwets Japans) oorlogsschip |
| monitā-モニター | waarnemer; toezichthouder |
| morahada-諸肌 | twee schouders ontbloot (bij het dragen van ene kimono) |
| morahadaonugu-諸肌を脱ぐ | beide schouders [het bovenlichaam] ontbloten (bij het dragen van een kimono) |
| mukashikatagi-昔気質 | ouderwetse ideeën [denkwijze] |
| nadegata-撫で肩 | afhangende schouders |
| naisho-内緒 | een bordeelhouder; de huiskamer in een bordeel |
| nasanunaka-生さぬ仲 | ouder-kind relatie zonder biologische verwantschap |
| nazukeoya-名付け親 | peetouder [peetvader; peetmoeder] |
| neesan-姉さん | (een woord waarmee men beleefd een oudere zus aanspreekt:) zus(ter) |
| nenchōsha-年長者 | senior; de oudere in leeftijd |
| nenpai-年配 | leeftijd; ouderdom; jaren |
| niichan-兄ちゃん | oudere broer |
| niisan-兄さん | oudere broer (familiaar en respectvol) |
| nikuchi-肉池 | een stempelkussen [zegel-inkt] houder |
| ninaite-担い手 | houder; drager |
| nisetaijūtaku-二世帯住宅 | één huis dat opgedeeld is in twee huishoudens (zodat twee generaties, ouders en kinderen, apart kunnen wonen) |
| nyū・famirī-ニュー・ファミリー | kerngezin waarvan de ouders na de tweede wereldoorlog zijn geboren (dus meer consumptiegericht zijn dan traditionele Japanse gezinnen) |
| oi-老い | een oude persoon; bejaarde; de ouderen |
| oiraku-老いらく | oudere leeftijd |
| okosozukin-御高祖頭巾 | een (warme) vierkante doek, om hoofd en schouders gewikkeld (gebruikt door vrouwen als sjaal-hoofddoek [kap] in de Edo- tot de Meiji-periode) |
| oneechan-お姉ちゃん | oudere zus |
| oneesan-お姉さん | (uw) oudere zus |
| onigo-鬼子 | een kind dat niet op de ouders lijkt |
| oniisan-お兄さん | oudere broer |
| oode-大手 | gehele armlengte van schouder tot de punten van de vingers |
| ooe-大兄 | oudere broer |
| ōrudo・fasshon-オールド・ファッション | ouderwets |
| ōrudo・taimā-オールド・タイマー | een ouderwets persoon; een bejaarde |
| oya-親 | ouder(s) (vader, moeder) |
| oyago-親御 | (een beleefd woord voor) de ouder(s) van iemand anders |
| oyagokoro-親心 | ouderliefde; liefde van ouders voor hun kind |
| oyako-親子 | ouder(s) en kind(eren) |
| oyakōkō-親孝行 | respect voor [toewijding aan] je ouders |
| oyaomoi-親思い | liefde [genegenheid] voor je ouders |
| papakatsusuru-パパ活する | het suikerpapa zijn; het tegen betaling (of cadeaus) daten (van een oudere man) met een jonge vrouw |
| penhorudā-ペンホルダー | (tafeltennis) penhouder greep |
| penhorudā-ペンホルダー | pennenhouder; pennenbakje |
| penhorudā・gurippu-ペンホルダー・グリップ | (tafeltennis) penhouder greep |
| penjiku-ペン軸 | pennenhouder |
| pī・tī・ē-ピー・ティー・エー | (Parent Teacher Association), vereniging van ouders en leraren |
| rakuin-落胤 | onwettig kind; bastaard (van ouders van verschillende sociale klassen) |
| reibyō-霊廟 | mausoleum; altaar [heiligdom] voor de voorouders |
| reikei-令兄 | (beleefd) uw oudere broer |
| rekōdo・horudā-レコード・ホルダー | recordhouder |
| retoro-レトロ | retro; ouderwets |
| rijin-里人 | iemand uit de streek [de plaats] waar je vandaan komt; iemand uit de buurt van je ouderlijk huis |
| rōgan-老眼 | presbyopie; verziendheid op oudere leeftijd |
| rōgankyō-老眼鏡 | leesbril; bril om ouderdomsverziendheid te corrigeren |
| rōgo-老後 | (op) oudere leeftijd; de oude dag |
| rōjaku-老弱 | ouderen en jongeren |
| rōjaku-老弱 | lichamelijke zwakheid op oudere leeftijd; ouderdomsklachten |
| rōjaku-老若 | oud en jong; ouderdom en jeugd; alle leeftijden |
| rōjin-老人 | oudere (persoon); bejaarde |
| rōjinbyō-老人病 | ouderdomsziekte; ouderdomskwaal |
| rōjinfukushihō-老人福祉法 | de welzijnswet voor ouderen; de wet ouderenzorg |
| rōjinnohi-老人の日 | de dag van (het respect voor) de Ouderen (publieke feestdag in Japan op 3e maandag in september) |
| rōjō-老嬢 | oude vrijster; vrouw die op oudere leeftijd nog steeds alleen [ongetrouwd] is |
| rōka-老化 | veroudering |
| rōko-牢固 | ouderwets zijn |
| rokushaku-六尺 | stok om draagstoelen e.d. op de schouder te dragen |
| rokushakubō-六尺棒 | stok om draagstoelen e.d. op de schouder te dragen |
| rōkyūka-老朽化 | verval; bederf; het verslijten; veroudering; (het) verouderen (van producten, e.d.) |
| rōnen-老年 | oude [hoge; gevorderde] leeftijd; ouderdom |
| rōnyaku-老若 | oud en jong; ouderdom en jeugd; alle leeftijden |
| rōrai-老来 | veroudering |
| rōrai-老来 | (bijw.) bij [na] de veroudering |
| rōrei-老齢 | gevorderde leeftijd; ouderdom |
| rōreinenkin-老齢年金 | ouderdomspensioen |
| rōsei-老生 | (arch.) een oudere student |
| rōshū-老醜 | de lelijkheid van ouderdom [oude mensen] |
| rōtoru-ロートル | oude persoon; oudere; bejaarde |
| ryōhada-両肌 | twee schouders ontbloot (bij het dragen van een kimono) |
| ryōshin-両親 | (beide) ouders (vader en moeder) |
| sanzensangokyūka-産前産後休暇 | zwangerschapsverlof; ouderschapsverlof |
| sarumata-猿股 | (ouderwetse) herenonderbroek |
| sasupendā-サスペンダー | bretels; jarretel(le); kousophouder; sokophouder |
| satobito-里人 | iemand uit de streek [de plaats] waar je vandaan komt; iemand uit de buurt van je ouderlijk huis |
| satooya-里親 | pleegouder(s) |
| seika-生家 | ouderlijk huis |
| sekaikirokuhojisha-世界記録保持者 | wereldrecordhouder |
| senjin-先人 | voorouder(s); voorloper; iemand uit de (klassieke) oudheid |
| senpai-先輩 | senior; oudere; ouderejaars; voorganger |
| senrei-船齢 | ouderdom van een schip |
| senzo-先祖 | voorouder(s) |
| seoi-背負い | het op de rug [op zijn schouders] nemen [dragen] |
| seoinage-背負い投げ | (judo) schouderworp |
| seoiotoshi-背負い落とし | (judo) worp over de schouder |
| seou-背負う | op de rug [op zijn schouders] nemen [dragen] |
| setsuganrenzuuke-接眼レンズ受け | oculairhouder |
| shain-社員 | aandeelhouder |
| shakei-舎兄 | oudere (bloedverwante) broer |
| shasaikensha-社債権者 | obligatiehouder |
| shi-姉 | (oudere) zus; schoonzus |
| shidō-祠堂 | monetaire donaties voor ceremonies voor voorouders en om de tempelgebouwen in stand te houden |
| shidō-祠堂 | in huis de plek waar de zielen van voorouders worden geëerd; in (boeddh.) tempels de plek met gedenkplaten voor familieleden van de locale bevolking |
| shidōsen-祠堂銭 | monetaire donaties voor ceremonies voor voorouders en om de tempelgebouwen in stand te houden |
| shigi-市議 | gemeenteraadslid; wethouder; (in België) schepen |
| shigo-死語 | verouderd [archaïsch] woord |
| shikken-執権 | (Kamakura-periode) regent [toezichthouder] voor de shogun |
| shikuhakku-四苦八苦 | (Boeddh.) het lijden van de mensen (ondervonden in de 4 stadia van geboorte, ouderdom, ziekte en dood) |
| shinia-シニア | oudere leerling [student] |
| shinia-シニア | senior (de oudere in leeftijd) |
| shinken-親権 | ouderlijk gezag |
| shinkensha-親権者 | ouderlijk gezaghebbende; voogd; wettelijk vertegenwoordiger |
| shinso-神祖 | erenaam voor een voorouder [stamvader] |
| shion-四恩 | (boeddh.) de vier verplichtingen, jegens je ouders, de vorst, alle levende wezens, en de drie boeddhistische schatten (Boeddha, Dharma en Sangha) |
| shirubāshijō-シルバー市場 | markt [verkoop] (met producten) gericht op de ouderen |
| shirubā・māketto-シルバー・マーケット | markt [verkoop] (met producten) gericht op de ouderen |
| shoinage-背負い投げ | schouderworp (judo) |
| shōkentorihikiiinkai-証券取引委員会 | Securities and Exchange Commission (SEC) (Amerikaanse toezichthouder van verschillende effectenbeurzen) |
| shorō-初老 | de middelbare leeftijd; begin van de ouderdom; vroegoud zijn |
| shorudā-ショルダー | schouder |
| shorudā-ショルダー | schoudertas |
| shorudā・baggu-ショルダー・バッグ | schoudertas |
| shorudā・paddo-ショルダー・パッド | schoudervulling |
| shosei-所生 | (biologische) ouders; vader en moeder |
| shōshi-尚歯 | (archaïsch) respect voor de ouderen |
| shōshikai-尚歯会 | bijeenkomst [feest] voor ouderen |
| shou-背負う | (fig.) (de last) op de schouders dragen; verantwoordelijkheid nemen voor |
| showaseru-背負わせる | op iemands schouders leggen; iemand laten dragen |
| shuei-守衛 | (hist.) schildwacht; wachthouder; wachter |
| shuji-主事 | hoofdopzichter; toezichthouder; degene die de primaire verantwoordelijkheid draagt |
| shujinkō-主人公 | pensionhouder; herbergier; waard; werkgever; eigenaar |
| shūmei-襲名 | (bij een opvolging) de naam aannemen van een leermeester [ouder] |
| shusseuo-出世魚 | vissen die een verschillende namen hebben al naar gelang hun grootte en ouderdom |
| sōbyō-宗廟 | mausoleum van de voorouders |
| sōbyō-宗廟 | plaats waar de voorouders van de keizer(s) worden vereerd |
| sodatenooya-育ての親 | pleegouders; adoptieouders |
| sofubo-祖父母 | grootouders |
| sōkaiya-総会屋 | type Japanse mafia (yakuza), dat bedrijven onder druk zet d.m.v (dreigen met) het verstoren van aandeelhoudersvergadering |
| sonkei-尊兄 | (respectvol) uw oudere broer |
| sorei-祖霊 | voorouderlijke geesten (n Japan de geesten van overledenen waarvoor al bepaalde herdenkingsdiensten zijn gehouden, b.v. 33 of 50 jaar na hun dood) |
| sosen-祖先 | voorouder; voorvaderen |
| suitōgakari-出納係 | caissière; kassier; kashouder |
| sūpābaizā-スーパーバイザー | leidinggevende; toezichthouder; opzichter |
| supūn-スプーン | spoon (ouderwetse houten golfclub) |
| sutaru-廃る | uit de mode [in onbruik] raken; ouderwets zijn; achteruitgaan; afnemen |
| taikei-大兄 | (beleefd woord voor je eigen, oudere) broer |
| taikei-大兄 | (beleefd woord van mannen voor een oudere of gelijke) u |
| taiki-大器 | grote container [bak; houder] |
| takeru-長ける | ouder (in jaren) worden |
| tamamatsuri-霊祭り | vooroudersfestival; festival van de doden (om de geesten van de voorouders te verwelkomen, in de zevende maand van de maankalender) |
| tewaza-手技 | (judo) arm-, hand- of schoudertechnieken |
| tōdai-灯台 | ouderwetse olielamp op een standaard |
| tokkyokenshoyūsha-特許権所有者 | octrooihouder; octrooigerechtigde; patenthouder |
| tokkyonushi-特許主 | octrooihouder; patenthouder |
| tokubetsuyōgorōjinhōmu-特別養護老人ホーム | verpleeghuis voor ouderen |
| toshikasa-年嵩 | het ouder zijn; oudere leeftijd |
| toshima-年増 | een vrouw van middelbare leeftijd; een oudere vrouw |
| toshinami-年波 | leeftijd; het ouder worden; op leeftijd raken |
| toshitori-年取り | een jaar ouder worden |
| toshitoru-年取る | ouder worden; verouderen |
| toshiue-年上 | senior; oudere persoon |
| toshiyori-年寄り | een oudere; bejaarde; oud persoon; ouder iemand |
| tsubame-燕 | jongeman die een affaire heeft met een oudere vrouw |
| tsukesage-付け下げ | een methode om patronen op Japanse kleding aan te brengen (de patronen wijzen naar boven tot de schouders) |
| ubasuteyama-姥捨山 | een afdeling [functie] waar oudere mensen die niet meer van nut zijn, naar worden overgeplaatst |
| ubazakura-姥桜 | een rijpe schoonheid; charmante [aantrekkelijke] oudere vrouw |
| uke-受け | houder; steun; pijler; hulpstuk |
| uminooya-生みの親 | biologische ouders |
| wakadoshiyori-若年寄 | een jongere die zich als een oudere gedraagt |
| wasupu-ワスプ | (White Anglo-Saxon Protestant) WASP (blanke Amerikaanse protestant met Britse voorouders) |
| webusaitoōnā-ウェブサイトオーナー | websitehouder; website-eigenaar |
| yōhō-養蜂 | bijenteelt; bijenhouderij |
| yōhōka-養蜂家 | imker; bijenhouder |
| yokei-余慶 | geluk dat nakomelingen ontvangen vanwege de goede daden van hun voorouders |
| yokō-余光 | invloed [gunst] van (voor)ouders |
| yoō-余殃 | onheil dat nakomelingen overkomt vanwege slechte daden van hun voorouders |
| yōshin-養親 | adoptieouder(s); pleegouder(s) |
| yōton-養豚 | varkenshouderij |
| yozume-夜爪 | het 's nachts ['s avonds] je nagels knippen (volgens bijgeloof brengt dat ongeluk, m.n. dat men zijn ouders niet meer zal zien voordat ze sterven) |
| yūdansha-有段者 | een dan (graad) houder (bij judo, kendo, go, shogi, e.d.) |
| yukitake-裄丈 | de mouwlengte [halve schouderlengte] van een kimono |
| zasu-座主 | Boeddhistische monnik met de hoogste rang (toezichthouder van de grote tempel) |
| zenjin-前人 | voorganger; mensen uit vroegere tijden; voorouders |
| zubanukeru-ずば抜ける | de beste zijn; opvallen; zichzelf onderscheiden; (met kop en schouders) uitsteken boven; uittorenen boven |
| zunukeru-図抜ける | de beste zijn; opvallen; zichzelf onderscheiden; (met kop en schouders) uitsteken boven; uittorenen boven |