Kruisverwijzing
lucht
| lemma | meaning |
|---|---|
| abuku-泡 | bubbel; luchtbelletje |
| adobarūn-アドバルーン | reclame (lucht)ballon |
| aeka-あえか | (poëtische term) teerheid; zachtheid; vluchtigheid |
| aerofurōto-アエロフロート | Aeroflot, Russische luchtvaartmaatschappij |
| agehibari-揚げ雲雀 | een leeuwerik die hoog in de lucht vliegt |
| akinosora-秋の空 | (heldere) herfstlucht |
| akisumu-秋澄む | de lucht wordt helder [klaart op] in de herfst |
| akki-悪気 | een niet heldere lucht; een rokerige lucht; een lucht met een bepaalde onaangename geur |
| amagumori-雨曇り | een bewolkte [regenachtige; dreigende] lucht |
| amamoyō-雨模様 | een dreigende lucht; lucht die eruit ziet of het gaat regenen; regenachtig weer |
| amamoyoi-雨催い | lucht die eruit ziet of het gaat regenen; regenachtig weer |
| amanohara-天の原 | de lucht; de hemel; het firmament |
| amazora-雨空 | regenlucht (donkergrijze lucht die regen voorspelt) |
| ame-天 | lucht; hemel |
| amemoyō-雨模様 | een dreigende lucht; lucht die eruit ziet of het gaat regenen; regenachtig weer |
| amemoyoi-雨催い | lucht die eruit ziet of het gaat regenen; regenachtig weer |
| ando-安堵 | opluchting; geruststelling; respijt |
| andosuru-安堵する | opgelucht [gerustgesteld] zijn; opgelucht ademhalen |
| an'i-安易 | luchthartigheid; gemakkelijk in de omgang zijn |
| ao-青 | (de kleur) blauw (v.d. lucht, zee); groen (stoplicht, planten, etc.) |
| aozora-青空 | blauwe lucht; open lucht |
| aozoraichiba-青空市場 | openlucht markt; markt in de open lucht |
| assakukūki-圧搾空気 | samengeperste lucht; perslucht |
| asshukukūki-圧縮空気 | samengeperste lucht; perslucht |
| asshukukūkikikai-圧縮空気機械 | een apparaat met perslucht als krachtbron [aandrijving] |
| asshukukūkikikan-圧縮空気機関 | een met perslucht aangedreven hydraulische motor |
| atenige-当て逃げ | het doorrijden [wegvluchten] na een aanrijding te hebben veroorzaakt |
| autodoa-アウトドア | buitenshuis; in de open lucht |
| awa-泡 | (lucht)belletjes; bubbel; schuim (van zeep, bier, etc.) |
| baburu-バブル | luchtbel |
| bakken・rekōdo-バッケン・レコード | de langste vluchtafstand bij skispringen |
| bakuatsu-爆圧 | luchtdruk door een explosie |
| bakusho-曝書 | het (buiten) luchten [drogen] van boeken (tegen schimmel en insecten) |
| bakyūmu-バキューム | vacuüm; leegte; luchtledigheid |
| banzai-万歳 | gejuich (met handen in de lucht); hoera; gefeliciteerd; lang zal ze leven |
| bāresuku-バーレスク | burleske; parodie; klucht |
| bāzu・ai・byū-バーズ・アイ・ビュー | vogelvluchtperspectief; panoramisch uitzicht |
| bin-便 | lijndienst (boot; trein, bus, etc.); vlucht(nummer) |
| bōdobiru-ボードビル | blijspel; klucht; variété |
| bōkū-防空 | luchtafweer; luchtverdediging |
| bōmeisha-亡命者 | (politieke) vluchteling; asielzoeker |
| bōmeisuru-亡命する | zijn land ontvluchten; asiel zoeken; in ballingschap gaan; een (politieke) vluchteling worden; emigreren (om politieke redenen) |
| bōsō-暴走 | wilde vlucht; het wild rondrennen; op hol slaan |
| chaban-茶番 | een farce; klucht; schertsvertoning; komedie |
| chirarito-ちらりと | eventjes; vluchtig; toevallig |
| chōkanzu-鳥瞰図 | bovenaanzicht; gezicht vanuit de lucht; vogelperspectief |
| chōkeiryōdōryokuki-超軽量動力機 | ultralicht motorluchtvaartuig |
| chokkō-直航 | directe vlucht; directe bootverbinding (zonder tussenstop) |
| chū-宙 | lucht; hemel; ruimte; tussen hemel en aarde |
| chūsuru-沖する | hoog in de lucht stijgen |
| chūzuri-宙吊り | het (midden) in de lucht hangen [bungelen] |
| daikūshū-大空襲 | zware luchtaanval; bombardement |
| daishō-代将 | (mil.) brigadegeneraal; commodore (marine; luchtmacht) |
| dankiryū-暖気流 | warme luchtstroom |
| danshō-談笑 | een prettig [vriendelijk; luchthartig] gesprek |
| dashi-出し | voorwendsel; uitvlucht; excuus |
| dassō-脱走 | desertie; vlucht; ontsnapping |
| dassōsuru-脱走する | deserteren; ontsnappen; vluchten |
| donten-曇天 | wolkenlucht |
| doraibu・in・shiatā-ドライブ・イン・シアター | drive-inbioscoop; openluchtbioscoop |
| doyōboshi-土用干し | het buiten luchten van kleding (in de zomer) |
| ea-エア | lucht (air) |
| ea-エア | luchtvaart; luchtruim |
| eahōsu-エアホース | luchtslang |
| eapōto-エアポート | vliegveld; luchthaven |
| earain-エアライン | luchtvaartmaatschappij |
| eashippu-エアシップ | luchtschip; Zeppelin |
| ea・baggu-エア・バッグ | airbag; luchtzak |
| ea・burēki-エア・ブレーキ | luchtdrukrem (een rem die werkt met perslucht) |
| ea・doa-エア・ドア | een apparaat dat een luchtstroomgordijn creëert bij de ingang van een gebouw (om te voorkomen dat buitenlucht en stof binnendringen) |
| ea・ekusupuresu-エア・エクスプレス | luchtvervoer; luchtpost |
| ea・fōsu-エア・フォース | luchtmacht |
| ea・gan-エア・ガン | lucht(druk)pistool; luchtdrukwapen |
| ea・kā-エア・カー | een auto die rijdt op samengeperste lucht |
| ea・kāgo-エア・カーゴ | luchtvracht |
| ea・kāten-エア・カーテン | luchtgordijn, een apparaat dat een luchtstroomgordijn creëert bij de ingang van een gebouw (om te voorkomen dat buitenlucht en stof binnendringen) |
| ea・konpuressā-エア・コンプレッサー | luchtcompressor |
| ea・kurīnā-エア・クリーナー | luchtreiniger |
| ea・mēru-エア・メール | luchtpost |
| ea・poketto-エア・ポケット | luchtzak (bij snelle daling van een vliegtuig) |
| ea・sābisu-エア・サービス | luchtdienst; vervoer (van post, passagiers, vracht) door de lucht |
| ea・shūto-エア・シュート | pneumatische transmissiebuis; luchtkoker voor vervoer van voorwerpen |
| ea・tāminaru-エア・ターミナル | luchthaven terminal (aankomsthal of vertrekhal) |
| epuron-エプロン | (luchthaven) platform voor vliegtuigen |
| esoragoto-絵空事 | fabeltje; verzinsel; luchtkasteel |
| esukēpu-エスケープ | ontsnapping; vlucht; uitweg |
| esutōru-エストール | (term uit de luchtvaart) korte start en landing (STOL; short take-off and landing) |
| faiasutōmu-ファイアストーム | vuurstorm (hevige luchtbeweging ontstaan door grote brand) |
| farusu-ファルス | klucht; farce |
| fingā-フィンガー | (luchthaven) pier [ophaalplatform] |
| fuhaku-浮薄 | lichtzinnig [frivool; luchtig; oppervlakkig] zijn |
| fukaishisū-不快指数 | mate [index] van luchtvochtigheid (in de zomer) |
| fukanzu-俯瞰図 | bovenaanzicht; gezicht vanuit de lucht; vogelperspectief |
| fukihatsusei-不揮発性 | niet-vluchtig [niet etherisch] zijn |
| fukihatsuseimemorī-不揮発性メモリー | (computerterm) niet-vluchtig geheugen |
| fukitobasu-吹き飛ばす | wegblazen; de lucht inblazen; (iets ergens) afblazen |
| furaggu・kyaria-フラッグ・キャリア | nationale luchtvaartmaatschappij |
| furaingu-フライング | vliegen; vlucht |
| furaito-フライト | vlucht; vliegreis |
| furaito・kontorōru-フライト・コントロール | vluchtleiding; luchtverkeersleiding |
| furaito・rekōdā-フライト・レコーダー | vluchtrecorder; zwarte doos |
| furaito・shimyurētā-フライト・シミュレーター | vluchtsimulator |
| fūsen-風船 | (klein) luchtschip |
| fuwafuwa-ふわふわ | licht; luchtig; zwevend |
| fuyuzora-冬空 | winterhemel; winterlucht; winterweer |
| gaiki-外気 | de buitenlucht |
| gasunuki-ガス抜き | gasafvoer; gasontluchting; ontgassing |
| gattsu・pōzu-ガッツ・ポーズ | (Eng.: guts pose) een houding met één vuist (of twee vuisten) in de lucht bij een overwinning |
| gojūnotō-五重の塔 | (boeddhistische) pagode met vijf daklagen (symboliserend de vijf elementen: aarde, water, vuur, wind en lucht) |
| gorintō-五輪塔 | (boeddh.) een stenen pagode [grafmonument] bestaande uit 5 lagen (die verwijzen naar de 5 elementen, aarde, water, vuur, wind en lucht) |
| gūkan-偶感 | een willekeurige gedachte; een vluchtige indruk; toevallig idee |
| gyakuten-逆転 | (luchtvaart) looping; lusvlucht |
| habukūkō-ハブ空港 | hub luchthaven (centraal vliegveld waar men overstapt op andere vluchten) |
| hakanai-儚い | vluchtig; kortstondig; vergankelijk; van voorbijgaande aard; tijdelijk |
| hanafubuki-花吹雪 | bloemblaadjes die door de wind (geblazen) dwarrelen in de lucht (als sneeuw) |
| hansō-帆走 | het vliegen (via de luchtstroom) |
| hare-晴れ | opklaring(en); helder [zonnig; mooi] zijn (van de lucht, het weer, e.d.) |
| harema-晴れ間 | opluchting (van gevoelens) |
| hashiriyomi-走り読み | het snel [vluchtig] doorlezen |
| hashiriyomisuru-走り読みする | snel [vluchtig] doorlezen [doorbladeren] |
| hashiru-走る | vluchten; op de vlucht slaan |
| hashiru-走る | (samen) ervandoor gaan; wegvluchten; de benen nemen; van huis weglopen |
| hassan-発散 | uiten; ventileren; lucht geven aan (woede, e.d.) |
| hatsuhikō-初飛行 | de eerste vlucht (van een bepaald vliegtuig); luchtdoop |
| hekutopasukaru-ヘクトパスカル | hectopascal (hPa = 100 pascal, eenheid van luchtdruk) |
| helipōto-ヘリポート | helihaven; luchthaven voor helikopters |
| hentaihikō-編隊飛行 | het in formatie vliegen; formatievlucht |
| hichō-飛鳥 | een vliegende vogel; vogel in vlucht |
| hien-飛燕 | een zwaluw tijdens de vlucht; vliegende zwaluw |
| hikō-飛行 | vlucht; luchtvaart; luchtreis |
| hikōjō-飛行場 | vliegveld; luchthaven |
| hikōkeirokirokuki-飛行経路記録器 | vluchtrecorder; zwarte doos |
| hikōsen-飛行船 | luchtschip; zeppelin |
| hinan-避難 | vlucht; evacuatie; ontsnapping; het schuilen; schuilplaats |
| hinankeiro-避難経路 | vluchtroute; evacuatieroute |
| hisaishashūyōjo-被災者収容所 | vluchtelingenkamp |
| hisho-避暑 | de zomerse hitte ontvluchten (door naar een koelere plek te gaan) |
| hitoanshin-一安心 | gevoel van opluchting; gemoedsrust |
| hitodama-人魂 | een (kleding)rekwisiet bij Kabuki om de illusie te wekken dat men door de lucht vliegt |
| hitogokochi-人心地 | besef; bewustzijn; opluchting |
| hitoikire-人熱れ | muffe [benauwde] lucht (van veel mensen in een kleine ruimte) |
| hiyō-飛揚 | het hoog in de lucht (vliegen); vlucht |
| hobākurafuto-ホバークラフト | hovercraft; luchtkussenvoertuig |
| hodokeru-解ける | zich ontspannen; tot rust komen; je opgelucht voelen |
| hōmatsu-泡沫 | luchtbel; schuim |
| hōmatsu-泡沫 | (metafoor voor) iets onbeduidends [iets vluchtigs] |
| hosu-干す | drogen; luchten |
| hotto-ほっと | gevoel van opluchting; zucht van verlichting |
| hyō-漂 | (in kanji combinaties) drijven; zweven; in de lucht (blijven) hangen (b.v. geur); (rond)zwerven |
| ichibetsu-一瞥 | een (vluchtige) blik [oogopslag; kijk] |
| ienken-以遠権 | landingsrecht dat een luchtvaartmaatschappij toestaat om na aankomst in het land dat het reisdoel is, door te vliegen en te landen in een ander land |
| ijōsekkin-異常接近 | een bijna-botsing van vliegtuigen die elkaar rakelings passeren in de lucht |
| ikkyo-一挙 | vlucht zonder tussenlanding |
| inbaundo-インバウンド | terugvlucht; retourvlucht; terugvaart |
| inpi-隠避 | (jur.) het helpen ontsnappen [verborgen houden] van een voortvluchtige crimineel |
| intaku-隠宅 | toevluchtsoord; retraite; verblijf van iemand die zich heeft teruggetrokken uit het maatschappelijk leven |
| intākūrā・enjin-インタークーラー・エンジン | luchtgekoelde motor |
| in'u-陰雨 | bewolkte, regenachtige lucht |
| isoiso-いそいそ | (onomatopee) opgewekt; vrolijk; blij; luchthartig; opgewonden [huppelend] van blijdschap |
| issō-逸走 | vlucht; ontsnapping |
| jaki-邪気 | slechte [giftige] lucht [damp] |
| jōkū-上空 | lucht; luchtstreek; hemel; firmament |
| jukushikusai-熟柿臭い | (verschaalde) dranklucht; alcohollucht (lett. de stank van een rijpe kakivrucht) |
| kagitsukeru-嗅ぎつける | een geur waarnemen; ergens lucht van krijgen; in de gaten krijgen; ergens achter komen |
| kaisō-壊走 | het op de vlucht slaan (na een strijd); vlucht; aftocht |
| kakū-架空 | bovengronds; in de lucht |
| kakurega-隠れ家 | schuilplaats; toevluchtsoord; verstopplaats |
| kamikaze-神風 | de bijnaam van het speciale luchtmacht-aanvalskorps tijdens de Tweede Wereldoorlog |
| kandankei-寒暖計 | thermometer; temperatuurmeter (lucht, water, etc.) |
| kankisen-換気扇 | luchtventilator (ventilator om binnenlucht af te voeren) |
| kantanfuku-簡単服 | gemakkelijk zittende (informele) kleding; lichte [luchtige] (zomer)kleding |
| kanten-寒天 | koude lucht; winterhemel |
| karaabooru-カラーボール | kleurende (met verf gevulde) bal om naar een vluchtende dief of overvaller te gooien |
| kari-仮 | tijdelijk [vluchtig; van voorbijgaande aard] zijn |
| karinige-借り逃げ | het vluchten [ervandoor gaan] met achterlating van schuld(en) |
| karinoyo-仮の世 | de vergankelijke [vluchtige] wereld |
| karoyaka-軽やか | luchtigheid; elegantie; lichtheid |
| karui-軽い | makkelijk; luchthartig; ongedwongen |
| karuyaka-軽やか | luchtigheid; elegantie; lichtheid |
| kasshō-滑翔 | het (door de lucht) zweven |
| kasshōsuru-滑翔する | (door de lucht) zweven; zweefvliegen |
| katabira-帷子 | luchtige, dunne kimono die in de zomer wordt gedragen |
| keikeini-軽軽に | luchtig; achteloos; onvoorzichtig; gedachteloos |
| keikikyū-軽気球 | (oude naam voor) luchtballon |
| keizainanmin-経済難民 | economische vluchteling |
| ki-気 | lucht; atmosfeer |
| kiatsu-気圧 | atmosferische druk; luchtdruk |
| kigaru-気軽 | luchthartigheid; zorgeloosheid |
| kihatsusei-揮発性 | vluchtig [etherisch] zijn |
| kihō-気泡 | bubbel; bel (lucht, gas, etc.) |
| kikan-気管 | trachea; luchtpijp |
| kikioyobu-聞き及ぶ | (iets) horen [vernemen]; lucht krijgen (van) |
| kikon-気根 | luchtwortel |
| kikyū-気球 | ballon; luchtballon |
| kimitsu-気密 | luchtdicht [hermetisch afgesloten] zijn |
| kimitsusei-気密性 | luchtdichtheid |
| kimitsuseinotakai-気密性の高い | zeer [in hoge mate] luchtdicht |
| kimitsushitsu-気密室 | luchtdichte kamer |
| kinakusai-きな臭い | er zit een luchtje aan; verdacht; dubieus; twijfelachtig; duister |
| kiraku-気楽 | relaxed [zorgeloos; luchthartig] zijn |
| kiryū-気流 | luchtstroom |
| kiseipurankuton-気生プランクトン | aeroplankton; luchtplankton (in de lucht zwevende micro-organismen) |
| kō-航 | (in kanji combinaties) scheepvaart; luchtvaart |
| kōkakuhō-高角砲 | krombaangeschut; luchtafweergeschut |
| kōkiatsu-高気圧 | hoge luchtdruk; hoge atmosferische druk |
| kokkei-滑稽 | geestigheid; grappigheid; klucht |
| kōkō-航行 | luchtvaart |
| kōkū-航空 | luchtvaart |
| kōkūbin-航空便 | luchtpost |
| kōkūbin-航空便 | luchttransport; luchtvervoer |
| kōkūgaisha-航空会社 | luchtvaartmaatschappij |
| kōkūkamotsu-航空貨物 | luchtvracht |
| kōkūkanseitō-航空管制塔 | luchtverkeerstoren |
| kōkūki-航空機 | luchtvaartuig (zoals luchtballon, luchtschip, vliegtuig e.d.) |
| kōkūkōgaku-航空工学 | luchtvaarttechniek; vliegtuigbouwkunde |
| kōkūkōtsūkansei-航空交通管制 | luchtverkeersleiding |
| kōkūro-航空路 | luchtweg; (aan)vliegroute |
| kokusaikūkō-国際空港 | internationaal vliegveld; internationale luchthaven |
| kōkūyūbin-航空郵便 | luchtpost |
| konto-コント | een (luchtig, geestig) kort verhaal; sketch; satire |
| kontorōru・tawā-コントロール・タワー | controletoren; luchtverkeerstoren |
| kōryoku-抗力 | (lucht)weerstand |
| kōshitsu-高湿 | hoge luchtvochtigheid |
| kōtei-航程 | (van een vliegtuig) vliegafstand; vlucht |
| kū-空 | leegte; lucht; hemel |
| kūbaku-空爆 | luchtaanval; bombardement |
| kūchū-空中 | lucht; hemel |
| kūchūbakugeki-空中爆撃 | luchtaanval; bombardement |
| kūchūbenkai-空中分解 | het uiteenvallen (desintegreren) in de lucht |
| kūchūkassō-空中滑走 | het zweven door de lucht |
| kūchūkyūyu-空中給油 | het bijtanken in de lucht |
| kūchūrōkaku-空中楼閣 | luchtkasteel |
| kūchūsasatsu-空中査察 | luchtinspectie; inspectie vanuit de lucht |
| kūchūsen-空中戦 | luchtgevecht |
| kūchūshashin-空中写真 | luchtfoto |
| kūchūshōtotsu-空中衝突 | een botsing in de lucht |
| kūgun-空軍 | luchtmacht |
| kūiki-空域 | het luchtruim |
| kūki-空気 | lucht; atmosfeer |
| kūkiasshokuki-空気圧縮機 | luchtcompressor |
| kūkiatsu-空気圧 | luchtdruk; bandenspanning (auto) |
| kūkiben-空気弁 | ventiel; luchtklep |
| kūkijū-空気銃 | luchtpistool; luchtdrukpistool; luchtdrukwapen |
| kūkikansen-空気感染 | aërogene infectie; infectie die door de lucht wordt verspreid |
| kūkimakura-空気枕 | luchtkussen |
| kūkiseijōki-空気清浄機 | luchtreiniger |
| kūkō-空港 | vliegveld; luchthaven |
| kumonoue-雲の上 | boven de wolken; hoog in de lucht [hemel] |
| kūrei-空冷 | luchtkoeling |
| kūreienjin-空冷エンジン | luchtgekoelde motor |
| kūriku-空陸 | lucht en land |
| kūriku-空陸 | luchtmacht en leger(troepen) |
| kūro-空路 | luchtroute; (aan)vliegroute |
| kusai-臭い | verdacht; er zit een luchtje aan (fig.) |
| kusamakura-草枕 | het slapen in de open lucht [op het gras; op reis] |
| kūshū-空襲 | luchtaanval |
| minkankōkū-民間航空 | burgerluchtvaart |
| mippei-密閉 | hermetische afsluiting; het goed [hermetisch; luchtdicht] afsluiten |
| mirāju-ミラージュ | luchtspiegeling; fata morgana |
| mirāju-ミラージュ | jachtbommenwerper van de Franse luchtmacht |
| missen-密栓 | het afdoppen [hermetisch afsluiten; verzegelen]; luchtdichte stop |
| miyakoochi-都落ち | de hoofdstad (Tokio) verlaten [ontvluchten]; overgeplaatst worden van Tokio naar de provincie [naar een plek buiten de hoofdstad] |
| mujinki-無人機 | ombemand luchtvaartuig (voor militaire of burger doeleinden) |
| mujin'uchūhikō-無人宇宙飛行 | onbemande ruimtevlucht |
| mushiboshi-虫干し | het luchten [buiten hangen] van kleren [kleden, e.d.] (om te voorkomen dat er insecten of schimmel in komen) |
| nabigētā-ナビゲーター | (luchtvaart) navigator; piloot |
| nadeorosu-撫で下ろす | opgelucht zijn |
| nagekissu-投げキッス | luchtkus; kushandje |
| nagetobasu-投げ飛ばす | weggooien; wegwerpen; van zich afgooien; de lucht ingooien |
| naiki・hākyurīzu-ナイキ・ハーキュリーズ | Nike Hercules, een Amerikaanse luchtdoelraket |
| nakidashisōnasoramoyō-泣き出しそうな空模様 | een dreigende (regen)lucht; het ernaar uitzien dat het gaat regenen |
| namagusa-生臭 | vislucht; de stank van vis of vlees |
| namagusai-生臭い | verdacht (er zit een luchtje aan) |
| namarikōgai-鉛公害 | luchtvervuiling door lood in uitlaatgassen (van auto, e.d.) |
| nanchakuriku-軟着陸 | zachte landing (luchtvaartuigen) |
| nanmin-難民 | vluchteling; ontheemde |
| nanminkiki-難民危機 | vluchtelingencrisis |
| nanminkyūsai-難民救済 | vluchtelingenhulp; vluchtelingenopvang |
| nanminshūyōjo-難民収容所 | vluchtelingen opvangcentrum |
| nasa-ナサ | (National Aeronautics and Space Administration) Amerikaans lucht- en ruimtevaart bureau |
| nashonaru・furaggu・kyaria-ナショナル・フラッグ・キャリア | nationale luchtvaartmaatschappij |
| netsukikyū-熱気球 | heteluchtballon |
| niamisu-ニアミス | een bijna-botsing van vliegtuigen die elkaar rakelings passeren in de lucht |
| nige-逃げ | ontsnapping; vlucht; ontwijking |
| nigeashi-逃げ足 | het snel wegrennen; te voet wegvluchten [ontsnappen] |
| nigedasu-逃げ出す | wegvluchten; ontsnappen (uit) |
| nigejitaku-逃げ支度 | zich klaarmaken om te vluchten |
| nigekakure-逃げ隠れ | het vluchten [weglopen] en zich verbergen |
| nigemawaru-逃げ回る | op de vlucht zijn; (ont)vluchten; wegrennen; ontwijken |
| nigeru-逃げる | ontsnappen; vluchten; wegrennen; ontwijken |
| nihonkōkū-日本航空 | De Japanse Luchtvaart Maatschappij (Japan Airlines, afk.: JAL) |
| niwakakyōgen-俄狂言 | (korte) klucht [komisch toneelstuk]; korte grappige sketch |
| noboriryū-昇り竜 | een draak die omhoog de lucht in vliegt |
| nodate-野点 | theeceremonie in de openlucht |
| nodobue-喉笛 | de luchtpijp; glottis |
| nogareru-逃れる | ontsnappen; (ont)vluchten; ontwijken; vermijden; ontlopen |
| nojuku-野宿 | in de open lucht slapen; kamperen; bivakkeren |
| nonsutoppu-ノンストップ | doorgaande trein; vlucht zonder tussenlandingen |
| noten-野天 | (in) de open lucht [buitenlucht] |
| nozoki-覗き | een kijkje; vluchtige [steelse] blik |
| nozoku-覗く | een glimp opvangen (van); vluchtig bekijken |
| nukemichi-抜け道 | zijweg; kortere weg; vluchtweg; uitweg; ontsnappingsroute |
| nukemichi-抜け道 | uitvlucht; excuus |
| nukeru-抜ける | verlaten; opgeven; terugtrekken; ontvluchten |
| nukeura-抜け裏 | korte(re) weg; vluchtroute; sluiproute; achterweg |
| ochimusha-落ち武者 | een verslagen strijder [samoerai] op de vlucht |
| ochiyuku-落ち行く | wegvluchten (van een strijdperk, slagveld, etc.) |
| ochūdo-落人 | een verslagen krijger op de vlucht; een voortvluchtige strijder |
| okugai-屋外 | buitenshuis; in de open lucht |
| ondokei-温度計 | thermometer; temperatuurmeter (lucht, water, etc.) |
| onpū-温風 | warme lucht [luchtstroom] (b.v. van een droger of airconditioner) |
| on'ea-オンエア | in de lucht; in de ether; in de uitzending |
| ōpun-オープン | openlucht; open ruimte; buitenlucht; openbaarheid |
| ōpun・setto-オープン・セット | filmset [theaterdecor] in de buitenlucht |
| otazune-御尋ね | (afk. voor) verdachte (ter opsporing); iemand die door de politie gezocht wordt; iemand die op de vlucht is |
| otazunemono-御尋ね者 | iemand die door de politie gezocht wordt; iemand die op de vlucht is |
| pakupaku-ぱくぱく | (onomatopee) herhaaldelijk openend en sluitend (van de mond); naar lucht happend |
| parasēringu-パラセーリング | parasailing (parachutisten die met een touw achter een auto of motorboot de lucht in worden getrokken) |
| pējento-ページェント | openluchttheater; openlucht podium |
| pendanto-ペンダント | kroonluchter |
| pōtto-ぽうっと | warme [rode] gloed (in de lucht) |
| punpun-ぷんぷん | (onomatopee) sterk ruikend; een scherpe lucht hebbend |
| ranki-嵐気 | vochtige [nevelachtige] berglucht |
| rankiryū-乱気流 | turbulentie (in de lucht) |
| rapukon-ラプコン | radar approach control (controleert aanvlieg- en vertrekroutes van het luchtverkeer) |
| reiki-冷気 | kou(de); koud weer; koude lucht |
| rinkangakkō-林間学校 | school [lessen] in de open lucht; schoolkamp |
| rinsen-林泉 | een rustige plek om je te kunnen afzonderen; toevluchtsoord |
| roji-露地 | (open) veld; kweekgrond in de openlucht; onoverdekte binnentuin; tuin bij theehuis |
| rojisaibai-露地栽培 | het kweken [cultiveren] van gewassen buiten op het land [in de openlucht] |
| rokata-路肩 | vluchtstrook; berm |
| roken-路肩 | vluchtstrook; berm |
| roten-露天 | (in de) open lucht; buitenlucht |
| rotenburo-露天風呂 | een buitenbad; een onsen die zich buiten [in de open lucht] bevindt |
| rumin-流民 | vluchtelingen |
| ryō-涼 | koele lucht |
| ryōki-涼気 | aangename koele lucht |
| ryōkū-領空 | het luchtruim (boven het grondgebied) van een natie (en de territoriale wateren) |
| ryūmin-流民 | vluchtelingen |
| saigoppe-最後っ屁 | laatste wanhopige poging [toevlucht; tactiek; redmiddel] (zoals van een wezel in het nauw, die een vieze geur uitstoot om de vijand te verjagen) |
| sakurafubuki-桜吹雪 | kersebloesem die door de wind (geblazen) dwarrelen in de lucht (als sneeuw) |
| sākyurētā-サーキュレーター | luchtcirculator; ventilator |
| sangun-三軍 | het gehele leger; de gezamenlijke strijdkrachten (landmacht, marine en luchtmacht) |
| sanki-山気 | koude berglucht; koude [kille] lucht in de bergen |
| sankuchuari-サンクチュアリ | toevluchtsoord; asiel |
| sanzuru-散ずる | vluchten |
| sapparishita-さっぱりした | opgelucht; opgefrist; openhartig |
| seiran-青嵐 | berglucht |
| seisei-清清 | verfrist [opgelucht] zijn |
| seiseisuru-清清する | zich verfrist [opgelucht] voelen |
| seisui-精粋 | schone lucht |
| seiten-晴天 | mooi weer; blauwe [heldere] hemel [lucht] |
| seiten-青天 | blauwe hemel [lucht] |
| seiun-青雲 | [heldere] blauwe lucht [hemel] |
| shadatsu-洒脱 | luchtigheid; ongedwongenheid; ongebondenheid |
| shanderia-シャンデリア | kroonluchter; kandelaber |
| sherutā-シェルター | toevluchtsoord; schuilkelder; bunker; schuilplaats; opvang |
| shidaigenso-四大元素 | de vier klassieke elementen (water, aarde, lucht en vuur) |
| shikō-試航 | (bij schepen) proefvaart; (bij vliegtuigen) proefvlucht; testvlucht |
| shinkirō-蜃気楼 | luchtspiegeling; fata morgana |
| shinkū-真空 | vacuüm; luchtledigheid; leegte |
| shioke-潮気 | (zoute) zeelucht |
| shissoku-失速 | overtrokken vlucht (van een vliegtuig) |
| shitsudo-湿度 | luchtvochtigheid; vochtigheidsgraad |
| shōgeki-笑劇 | (theater) klucht; farce |
| shōkō-将校 | officier (in het leger, de marine of de luchtmacht) |
| shōshūzai-消臭剤 | deodorant; luchtverfrisser |
| shūki-秋気 | herfstlucht |
| shūyōhinanbasho-収容避難場所 | vluchtelingenkamp; vluchtelingenopvang |
| sofuto・randingu-ソフト・ランディング | zachte landing (luchtvaartuigen) |
| sora-空 | lucht; hemel |
| soramoyō-空模様 | hoe de lucht eruit ziet; het weer |
| soto-外 | buiten; buitenshuis; in de open lucht |
| suien-炊煙 | kooklucht; rookwalm tijdens het koken [uit de keuken] |
| suihō-水泡 | metafoor voor vluchtigheid [verspilling] |
| sukai-スカイ | lucht; hemel |
| sukaimeito-スカイメイト | skymate is een kortingssysteem (voor jongeren) op vliegtarieven van Japanse luchtvaartmaatschappijen |
| sukairain-スカイライン | (Eng.: skyline) horizon; silhouet [contouren] van bergen of gebouwen in de lucht |
| sukaisupōtsu-スカイスポーツ | luchtsport(en) (zweefvliegen, ballonvaren, etc.) |
| sumiwataru-澄み渡る | het geheel en al opklaren (van de lucht) |
| supin-スピン | (vliegtuig) tolvlucht; duik |
| supotto-スポット | in-en uitstap platform (luchthaven) |
| sutōru-ストール | overtrokken vlucht van een vliegtuig (door vergroting van de invalshoek van een vleugel); het afslaan van een motor |
| tadayou-漂う | in de lucht (blijven) hangen (b.v. geur) |
| taichi-対地 | naar de grond (vanuit de lucht); tov. de grond |
| taiki-大気 | lucht; atmosfeer |
| taikiosen-大気汚染 | luchtvervuiling; luchtverontreiniging |
| takatobi-高飛び | hoge sprong; het hoog in de lucht springen; hoogspringen |
| takatobi-高飛び | (voor de politie) het vluchten; ervandoor gaan; op de vlucht slaan |
| takibi-焚き火 | kampvuur; vuur in de open lucht |
| tameiki-溜息 | een zucht (van vermoeidheid, opluchting, e.d.) |
| tanshō-丹霄 | avondrood; avondgloed; avondlucht |
| tashitsu-多湿 | hoge luchtvochtigheid |
| teikiatsu-低気圧 | lage luchtdruk; lage atmosferische druk |
| teikibin-定期便 | (vaste) lijndienst (boot, vlucht, etc.) |
| ten-天 | de lucht; de hemel; het firmament |
| tenjiku-天竺 | (arch.) lucht; hemel |
| tenkū-天空 | de hemel; de lucht; het firmament |
| tenkūkaikatsu-天空海闊 | heel edelmoedig [vrijgevig] zijn; een edelmoedigheid [vrijgevigheid] zo helder als de lucht en zo groot als de zee |
| tōatsusen-等圧線 | isobaar (lijn op een kaart die punten met dezelfde luchtdruk verbindt) |
| tobimawaru-飛び回る | rondvliegen; rondcirkelen (in de lucht) |
| tobitatsu-飛び立つ | wegvliegen; opvliegen; de lucht invliegen |
| tobitatsu-飛び立つ | opgetogen zijn; een gat in de lucht springen (van blijdschap) |
| tōbō-逃亡 | vlucht; ontsnapping |
| tōbōsuru-逃亡する | vluchten; ontsnappen |
| tōhi-逃避 | ontsnapping; vlucht |
| tōhikō-逃避行 | vlucht; ontsnapping; weglopen |
| tomochidori-友千鳥 | een vlucht plevieren |
| ton-遁 | (in kanji combinaties) vluchten; ontsnappen; ontwijken; vermijden |
| tonzura-とんずら | vlucht; ontsnapping |
| toori-通り | doorstroming (water, lucht, etc.) |
| tōsō-逃走 | ontsnapping; vlucht |
| tōsōsuru-逃走する | vluchten; ontsnappen; wegrennen |
| tsepperin-ツェッペリン | zeppelin; luchtschip |
| ukiashidatsu-浮き足立つ | klaar staan om te vluchten [weg te rennen]; onrustig worden; wankelen |
| ukibukuro-浮き袋 | luchtblaasje (bij vissen) |
| ukishima-浮き島 | drijvend eiland; drijftil; kragge; eiland dat lijkt te zweven in de lucht |
| ukiuki-うきうき | vrolijk; opgewekt; luchthartig |
| ukiuki-浮き浮き | luchtig; opgewekt; vrolijk |
| un'enkagan-雲煙過眼 | vluchtige [snel voorbijgaande] dingen [gedachten] (zoals wolken en rook) |
| ushiroashi-後ろ足 | ontsnapping; ontvluchting |
| ushirokizu-後ろ傷 | verwonding aan de rug opgelopen tijdens het vluchten (in het oude Japan een beschamend eerverlies) |
| utakata-泡沫 | luchtbel; schuim |
| utakata-泡沫 | (metafoor voor) iets onbeduidends [iets vluchtigs] |
| uttaeru-訴える | zijn toevlucht nemen tot |
| uwatchōshi-上っ調子 | luchthartigheid; oppervlakkigheid; op spottende toon [manier] |
| yadori-宿り | verblijf; huis; tehuis; toevluchtsoord |
| yaki-夜気 | nachtlucht; koele avondlucht |
| yariba-遣り場 | vluchtoord; schuilplaats; uitlaatklep (fig.) |
| yominagasu-読み流す | (een boek, tekst) doorbladeren; vlug doorlezen; vluchtig inkijken |
| yonige-夜逃げ | het in de nacht (alles in de steek laten en) op de vlucht slaan |
| yūranryokō-遊覧旅行 | rondvlucht; pleziervlucht |
| yuuzora-夕空 | avondhemel; avondlucht; avondschemering |
| zannyū-竄入 | het vluchten; een toevlucht zoeken |
| zenbin-前便 | laatste vlucht [boot] |
| zenmen-前面 | (meteorologie) een front (een scheidingsvlak tussen koude en warme luchtsoorten) |
| zensen-前線 | (meteorologie) een front (een scheidingsvlak tussen koude en warme luchtsoorten) |
| zensenmen-前線面 | (meteorologie) een front (een scheidingsvlak tussen koude en warme luchtsoorten) |
| zuitokuji-随徳寺 | (fonetisch klinkt dit woord als de naam voor een tempel en qua betekenis: de dingen laten zoals ze zijn) vlucht |
| zujō-頭上 | hoog in de lucht |
| zunōryūshutsu-頭脳流出 | braindrain; kennisvlucht; migratie van intellectuelen |
| zurakaru-ずらかる | weglopen; vluchten; ontsnappen |