Kruisverwijzing
oorlog
lemma | meaning |
---|---|
abangēru-アバンゲール | vooroorlogs |
ahensensō-アヘン戦争 | Opiumoorlogen |
akagami-赤紙 | (roodgekleurde) oproep voor dienstplicht (in Japan tijdens de Tweede Wereldoorlog) |
apure・gēru-アプレ・ゲール | na-oorlogse periode; naoorlogs |
bajō-馬上 | oorlogvoering te paard |
bebiibūmā-ベビーブーマー | babyboomer(s) (generatie mensen geboren na de tweede wereldoorlog, ca. 1946-1960) |
beigunhausu-米軍ハウス | huurwoningen voor Amerikaanse militairen in Japan (na de Tweede Wereldoorlog) |
bōekisensō-貿易戦争 | handelsoorlog |
boppatsu-勃発 | uitbraak (b.v. van een oorlog); uitbarsting; plotselinge gebeurtenis |
buji-武事 | zaken m.b.t. krijgskunst en oorlogvoering |
buunchōkyū-武運長久 | oorlogsgeluk; (hoop op) voortdurende overwinningen |
chimatsuri-血祭り | bloedoffer (in het oude China werd een vijand geofferd voor een veldslag om de oorlogsgod gunstig te stemmen) |
daho-拿捕 | (in oorlogstijd) de tijdelijke inbeslagname van vijandelijke schepen of ladingen |
daiichijisekaitaisen-第一次世界大戦 | de Eerste Wereldoorlog |
dainijisekaitaisen-第二次世界大戦 | de Tweede Wereldoorlog |
dennōsensō-電脳戦争 | cyberoorlog; cyberwar |
dentan-伝単 | propaganda folder [strooibiljet] (in oorlog) |
dojji・rain-ドッジ・ライン | Dodge Line, een financieel-economisch beleid opgesteld door Joseph Dodge (1890-1964) voor Japan na de Tweede Wereldoorlog |
dōran-動乱 | burgeroorlog |
fūjin-風塵 | stormachtige tijden; oorlog |
furigētokan-フリゲート艦 | fregat (oorlogsschip) |
fusen-不戦 | anti-oorlog; oorlog afwijzen |
geiha-鯨波 | strijdkreet; oorlogskreet |
gerira-ゲリラ | guerrilla (oorlogsvoering) |
gigun-義軍 | (leger voor) een goede, rechtvaardige strijd [oorlog] |
goeikan-護衛艦 | korvet; escorteschip (licht oorlogsschip ter begeleiding van konvooien) |
gunba-軍馬 | legerpaard; strijdros; oorlogspaard |
gunbi-軍備 | bewapening; oorlogsvoorbereiding |
gunkan-軍艦 | oorlogsschip; slagschip |
gunki-軍記 | verhandeling over de oorlogsvoering |
gunki-軍記 | oorlogsverslag; heldensage; epos |
gunkoku-軍国 | een land [natie] in oorlog |
gunpyō-軍票 | oorlogsgeld; militaire valuta (uitgegeven door het leger) |
gunryo-軍旅 | oorlog; strijd |
gunsen-軍船 | (ouderwets Japans) oorlogsschip |
gunshin-軍神 | oorlogsgod; god van de oorlog (Mars) |
gunshin-軍神 | in Japan een vereerde [vergoddelijkte} oorlogsheld |
haisen-敗戦 | nederlaag (in een oorlog, strijd, e.d.) |
hansen-反戦 | verzet tegen de oorlog |
hayabune-早船 | (door galei-roeiers voortgestuwde) oorlogsboot |
heibi-兵備 | voorbereiding op een oorlog |
heika-兵戈 | oorlog; strijd |
heika-兵火 | brand veroorzaakt door oorlog |
heikaku-兵革 | oorlog; oorlogvoering; veldslag |
heiki-兵器 | wapens; wapentuig; oorlogswapens |
heiran-兵乱 | oorlog; gewapend conflict |
heisho-兵書 | boek over de oorlogsvoering [militaire strategie; krijgskunst; krijgskunde] |
hōmon-砲門 | geschutpoort; geschutsgat; schietgat (in een oorlogsschip of burcht) |
hyōrōzeme-兵糧攻め | uithongeringspolitiek; oorlogstactiek van uithongeren |
ikusa-戦 | oorlog; (veld)slag; gevecht; strijd; militaire campagne |
ikusabune-軍船 | (ouderwets Japans) oorlogsschip |
jinbotsu-陣没 | het sterven [doodgaan; gedood worden] in een oorlog (op het slagveld; aan het front) |
joban-序盤 | beginfase (van een campagne, oorlog, etc.) |
jūgunkisha-従軍記者 | oorlogscorrespondent |
jukensensō-受験戦争 | examenoorlog, de felle competitie bij toelatingsexamen(s) (voor scholen of universiteiten) |
juppei-恤兵 | het sturen van hulpgoederen [geschenken] aan soldaten (in de oorlog) |
kachiikusa-勝ち戦 | overwinning; gewonnen veldslag [strijd; oorlog] |
kaigen-戒厳 | krijgswet (in tijden van oorlog worden bestuurlijke en gerechtelijke bevoegdheden overgedragen aan het leger) |
kaigenrei-戒厳令 | krijgswet (in tijden van oorlog worden bestuurlijke en gerechtelijke bevoegdheden overgedragen aan het leger); staat van beleg |
kaisen-海戦 | zeeslag; zeegevecht; oorlogvoering op zee |
kaiten-回天 | bemande (kamikaze) torpedo in gebruik bij de Japanse Marine tijdens de 2de wereldoorlog |
kakakukyōsō-価格競争 | prijzenoorlog |
kamikaze-神風 | de bijnaam van het speciale luchtmacht-aanvalskorps tijdens de Tweede Wereldoorlog |
kan-艦 | oorlogsschip |
kansen-艦船 | oorlogsschepen; marineschepen; marinevloot |
kansen-観戦 | observatie van oorlogshandelingen of krijgsverrichtingen |
kantaiheiyōgōdōenshū-環太平洋合同演習 | RIMPAC, the Rim of the Pacific Exercise ('s werelds grootste internationale maritieme oorlogsoefening) |
kantei-艦艇 | marineschip; oorlogsschip; marinevloot |
kinakusai-きな臭い | dreigende [gespannen] sfeer (fig. de geur van buskruit, doet denken aan oorlog) |
kōdan-講談 | voordracht [het voordragen] van (oorlogs)verhalen [krijgsgeschiedenis] |
kōjōsen-攻城戦 | belegeringsoorlog; beleg; belegering |
kokusaisenpanhōtei-国際戦犯法廷 | Internationaal Tribunaal voor Oorlogsmisdaden |
kōrudo・wō-コールド・ウォー | koude oorlog (ongewapende strijd) |
kōsen-交戦 | (gewapend) conflict; oorlog(voering); (onderlinge) strijd (met wapens) |
kyūjutsu-弓術 | (Japans) boogschieten (vooral in oorlogvoering) |
makeikusa-負け戦 | nederlaag; verloren veldslag [strijd; oorlog] |
marusu-マルス | Mars (Romeinse oorlogsgod) |
māsu-マース | Mars (Romeinse oorlogsgod) |
mobo-モボ | Japanse man die na de 1e Wereldoorlog de westerse mode en levensstijl volgde |
modan・boi-モダン・ボイ | Japanse man die na de 1e Wereldoorlog de westerse mode en levensstijl volgde |
modan・gāru-モダン・ガール | Japanse vrouwen die na de 1e Wereldoorlog de Westerse mode en leefstijl volgden |
mōdō-艨艟 | (ouderwets Japans) oorlogsschip |
moga-モガ | Japanse vrouw die na de 1e Wereldoorlog de westerse mode en leefstijl volgde |
nairan-内乱 | burgeroorlog; opstand; rebellie |
naisen-内戦 | burgeroorlog; binnenlandse oorlog; interne strijd |
nanbokusensō-南北戦争 | de Amerikaanse Burgeroorlog |
nawabariarasoi-縄張り争い | territoriumgevecht; strijd [oorlog] onder criminele groepen |
nyū・famirī-ニュー・ファミリー | kerngezin waarvan de ouders na de tweede wereldoorlog zijn geboren (dus meer consumptiegericht zijn dan traditionele Japanse gezinnen) |
onrī-オンリー | (direct na de Tweede Wereldoorlog) een prostituee die één buitenlander (van de bezettingsmacht) als enige klant had |
panpan-パンパン | prostituee (in de jaren van de bezetting van Japan door Amerika na de Tweede Wereldoorlog) |
pusshu・botan・wō-プッシュ・ボタン・ウォー | automatische oorlogvoering; oorlogsvoering op afstand (door afvuren van wapens met een druk op de knop) |
ran-乱 | rebellie; opstand; oorlog |
reisen-冷戦 | de Koude Oorlog; een koude oorlog (oorlog zonder wapengeweld) |
rimupakku-リムパック | the Rim of the Pacific Exercise ('s werelds grootste internationale maritieme oorlogsoefening) |
rinsen-臨戦 | deelname aan de strijd [oorlog]; zich klaarmaken om te vechten [strijden]; het betreden van het slagveld |
rinsentaisei-臨戦態勢 | klaar voor de strijd; in staat van paraatheid (voor de oorlog) |
rokkotsu-肋骨 | benaming voor decoratief lint op legeruniformen (tijdens de Russisch-Japanse Oorlog 1904-1905) |
rōshi-老師 | oorlogsmoeheid (van strijdkrachten) |
saikinsen-細菌戦 | bacteriologische oorlogsvoering |
sansen-参戦 | deelname aan een oorlog; het ten strijde gaan [trekken] |
sansensuru-参戦する | ten strijde trekken; deelnemen aan een oorlog |
seiba-征馬 | oorlogspaard |
seisen-聖戦 | heilige oorlog; kruistocht |
seiya-征野 | slagveld; oorlogsgebied |
sekaitaisen-世界大戦 | wereldoorlog |
sen-戦 | strijd; oorlog; gevecht |
senchi-戦地 | slagveld; oorlogsgebied; strijdtoneel; front |
sendensen-宣伝戦 | propagandaoorlog |
sengo-戦後 | na de oorlog; naoorlogse periode (m.n. na de Tweede Wereldoorlog) |
sengoku-戦国 | een turbulente wereld; een wereld in beroering door oorlogen |
sengoku-戦国 | landen die oorlog voeren (met elkaar) |
sengokujidai-戦国時代 | Sengoku periode (tijdperk van de oorlogvoerende staten in Japan, 1467-1568) |
sengokujidai-戦国時代 | tijdperk van oorlogvoerende staten in China (770-221 v. Chr.) |
sengunbanba-千軍万馬 | vele gevechten [oorlogen; slagen] |
sengyō-戦況 | oorlogssituatie; verloop van een veldslag [gevecht; oorlog] |
senji-戦時 | oorlogstijd; periode van oorlog |
senjibaisho-戦時賠償 | herstelbetaling (voor schade van oorlogshandelingen) |
senjichōhatsu-戦時徴発 | vordering in oorlogstijd |
senjikokusaihō-戦時国際法 | oorlogsrecht |
senjinaikaku-戦時内閣 | oorlogskabinet |
senjisangyō-戦時産業 | oorlogsindustrie; industrie in oorlogstijd |
senjō-戦場 | strijdperk; slagveld; strijdtoneel; oorlogsgebied; oorlogsterrein; front |
senka-戦果 | opbrengsten [resultaat] van de oorlog; wapenfeiten |
senka-戦渦 | de chaos [staat van beroering] in oorlogstijd |
senka-戦火 | oorlog; oorlogsvuur; oorlogsgeweld |
senka-戦禍 | oorlogsschade; vernietigingen [verschrikkingen] door de oorlog |
senkan-戦艦 | oorlogsschip; slagschip |
senki-戦記 | oorlogsverslag |
senki-戦記 | (waargebeurd of fictief) oorlogsverhaal |
senkō-戦功 | wapenfeit; heldendaad; heldhaftige oorlogsdaad |
senku-戦区 | slagveld; strijdperk; oorlogsgebied |
senkyō-戦況 | oorlogssituatie; verloop van een veldslag [gevecht; oorlog] |
senkyoku-戦局 | oorlogssituatie; oorlogstoestand |
sensen-戦線 | het front; de frontlinie; oorlogslinie |
senshi-戦死 | het sneuvelen in een strijd [gevecht; oorlog] van een militair [soldaat] |
sensō-戦争 | oorlog; oorlogvoering; (veld)slag |
sensōbungaku-戦争文学 | oorlogsliteratuur |
sensōeiga-戦争映画 | oorlogsfilm |
sensōgiseisha-戦争犠牲者 | oorlogsslachtoffer |
sensōgokko-戦争ごっこ | het soldaatje [oorlogje] spelen |
sensōgokkosuru-戦争ごっこする | soldaatje [oorlogje] spelen |
sensōhanzai-戦争犯罪 | oorlogsmisdaad |
sensōhōki-戦争放棄 | verwerping van de oorlog (als politiek instrument) |
sensōkeiki-戦争景気 | oorlogshausse; economische opleving door [tijdens] de oorlog |
sensōkko-戦争っ子 | oorlogskind |
sensōkoji-戦争孤児 | oorlogswees |
sensōmibōjin-戦争未亡人 | oorlogsweduwe |
sensōnarikin-戦争成金 | oorlogsprofiteur |
sensōnetsu-戦争熱 | oorlogszuchtigheid |
sensōshashinka-戦争写真家 | oorlogsfotograaf |
sensōshinkeishō-戦争神経症 | oorlogsneurose |
sensōsuru-戦争する | oorlog voeren |
sentōjōtai-戦闘状態 | oorlogssituatie |
senzen-戦前 | voor de oorlog; vooroorlogse periode (m.n. voor de Tweede Wereldoorlog) |
sen'un-戦雲 | onheilspellende [donkere] wolken als teken van de naderende oorlog |
sen'ya-戦野 | slagveld; strijdperk; oorlogsgebied |
shina-支那 | China (een oude benaming, werd in oorlogstijden ook wel denigrerend gebruikt) |
shinkeisen-神経戦 | psychologische oorlogvoering; zenuwoorlog; zenuwenoorlog |
shinkenpō-新憲法 | nieuwe grondwet (m.n. de naoorlogse grondwet van Japan) |
shinryakusensō-侵略戦争 | aanvalsoorlog; agressieoorlog |
shōsen-商戦 | handelsoorlog |
shosen-緒戦 | het begin van een oorlog [strijd] |
shuhō-主砲 | het grootste kaliber kanon (van een oorlogsschip) |
shūsenkinenbi-終戦記念日 | herdenkingsdag voor het einde van de oorlog (in Japan op 15 aug.) |
shutsujin-出陣 | vertrek naar het slagveld [oorlogsgebied; front]; het ten strijde trekken |
shutsujinshiki-出陣式 | ceremonie voorafgaand aan het vertrek naar een slagveld [oorlogsfront] |
sōryokusen-総力戦 | strijd [oorlog, actie, e.d.] met volle inzet |
tairan-大乱 | rebellie; opstand; burgeroorlog |
taisen-大戦 | grote oorlog [veldslag] |
tatakai-戦い | oorlog; gevecht; strijd |
tōshi-闘士 | vechter; strijder (b.v. in een oorlog of een maatschappelijke beweging) |
tōsō-闘争 | gevecht; conflict; oorlog; strijd |
wasen-和戦 | oorlog en vrede |
wasen-和戦 | vrede (na de oorlog) |
yasen-夜戦 | nachtelijke gevechten [oorlog] |
yasuurikyōsō-安売り競争 | een prijzenoorlog |
yūgekisen-遊撃戦 | geurillaoorlog |
yumiya-弓矢 | oorlog |
yū・bōto-ユー・ボート | U-boot (Unterseeboot, Duitse onderzeeboot [onderzeeër] in gebruik tijdens de Eerste en de Tweede Wereldoorlog) |
zensen-全線 | (tijdens een oorlog); het hele front; alle frontlinies |