| hataku-叩く | opmaken (geld); leegmaken (portemonnee) |
| hishō-費消 | het opmaken (van geld of goederen) |
| hishōsuru-費消する | (geld of goederen) opmaken |
| kamiyui-髪結い | het kappen [opmaken; knippen] van het haar |
| katachizukuru-形作る | zich opmaken [schminken]; make-up opdoen |
| kuitsubusu-食い潰す | (al je geld) opmaken [opsouperen]; iemand de oren van het hoofd eten |
| mizukuroi-身繕い | het zich aankleden; toilet maken; zich opmaken [klaarmaken] |
| suru-擦る | verspillen; opmaken; verliezen (van geld, b.v. door te gokken) |
| tsukaihatasu-使い果たす | opmaken; uitputten; verspillen |
| tsukuritateru-作り立てる | decoreren; versieren; opmaken |