chikuji-逐次 | de één na de ander; successievelijk; achtereenvolgens |
dakyō-妥協 | compromis; concessie; overeenstemming |
fukeiki-不景気 | financiële depressie; recessie; zakelijke inactiviteit; slappe markt |
fukyō-不況 | depressie; recessie; inzinking (economie) |
gyōretsu-行列 | rij; processie; parade; colonne |
hanahada-甚だ | (heel) erg; uiterst; extreem; bovenmatig; excessief |
hanahadashii-甚だしい | extreem; overdadig; excessief; buitensporig; extravagant |
hatagyōretsu-旗行列 | vlaggenparade; vlaggenoptocht; vlaggenprocessie |
hidarimae-左前 | slechte financiële situatie; (economische) recessie |
hidarimuki-左向き | de verkeerde kant (van een kimono overslag) ; slechte financiële situatie; (economische) recessie |
jōho-譲歩 | concessie; compromis; stap terug (fig.) |
jōhosuru-譲歩する | inbinden; concessie(s) doen; stap terug doen (fig.) |
kadai-過大 | te veel [excessief; buitensporig; extravagant] zijn |
katō-過当 | buitensporig [overdreven; onredelijk; excessief; exorbitant] zijn |
keikikōtai-景気後退 | (financiële) recessie; laagconjunctuur |
kōzōfukyō-構造不況 | structurele recessie (economie) |
mō-妄 | (in kanji combinaties) roekeloos; wild; gedachteloos; excessief; vals; leugen; onzin |
neriaruku-練り歩く | lopen in een processie [stoet; optocht; parade]; paraderen; marcheren |
rankaku-濫獲 | excessief [teveel] jagen [vissen]; overbevissing; overbejaging |
sesesshon-セセッション | afscheiding; secessie |
suranpu-スランプ | (economische) recessie; inzinking; terugval |