| kitsu-詰 | (on-lezing; in kanji combinaties) vooroverbuigen; bukken; krom [moeilijk te begrijpen] zijn |
| kyokuseki-跼蹐 | (afk. voor) het (nederig) voorovergebogen lopen; het in angst voor de wereld leven; bang [terughoudend] zijn |
| kyokutensekichi-跼天蹐地 | het (nederig) voorovergebogen lopen; het in angst voor de wereld leven; bang [terughoudend] zijn |
| maeukemi-前受身 | een val voorover; voorover vallen |
| massakasama-真っ逆様 | voorover; ondersteboven |
| nomeru-のめる | voorover vallen [buigen; leunen; struikelen] |
| zenkei-前傾 | het vooroverbuigen; anteversie |
| zenkutsu-前屈 | het voorover buigen; buiging voorover |