| akke-呆気 | in staat van verbazing [verbijstering]; met stomheid geslagen zijn |
| areare-あれあれ | (uitroep, van verbazing, verbijstering, ergernis, etc.) hé; (nee) hè? |
| areyoareyo-あれよあれよ | een uitroep van verbazing [verbijstering] |
| dōjaku-瞠若 | (opperste) verbazing; verbijstering; als met stomheid geslagen |
| gakuzen-愕然 | verbazing; verbijstering; schok |
| gyōten-仰天 | schrik; verbazing; verbijstering |
| hakkyō-発狂 | het verstand verliezen; zinsverbijstering; waanzinnigheid; krankzinnigheid |
| jishitsu-自失 | verbijstering |
| kikkyō-喫驚 | verbazing; verrassing; verbijstering |
| konwaku-困惑 | verbijstering; verwarring; ontsteltenis |
| kyōgaku-驚愕 | erbazing; verrassing; schrik; verbijstering |
| rōbai-狼狽 | verbijstering; verwarring; consternatie; paniek; ontsteltenis |
| tōwaku-当惑 | verbijstering; ontsteltenis |
| waku-惑 | (in kanji combinaties) verwarring; verbijstering; desoriëntatie; verdwalen |
| wakuran-惑乱 | verbijstering; verwarring |