食傷 shokushō
1 oververzadiging; het teveel (dezelfde dingen) eten; genoeg hebben [beroerd worden] van veel hetzelfde eten [horen]
甘い物を食べすぎて食傷を起こした。
Ik werd beroerd omdat ik teveel snoep had gegeten.
Ik werd beroerd omdat ik teveel snoep had gegeten.
彼女の自慢話にはもう食傷気味だ。
Ik heb mijn buik wel vol van haar opschepperige verhalen.
Ik heb mijn buik wel vol van haar opschepperige verhalen.
2 voedselvergiftiging