縫い合わせる(縫い合せる、縫合せる) nuiawaseru
1 aan elkaar naaien; hechten
布を縫い合わせて一枚の服を作った。
Ik heb stukken stof aan elkaar genaaid om één kledingstuk te maken.
Ik heb stukken stof aan elkaar genaaid om één kledingstuk te maken.
傷を縫い合わせる
een wond hechten
een wond hechten