睨めっこ niramekko
1 het elkaar aanstaren (als spelletje, wie het langst volhoudt zonder te gaan lachen)
子供たちは睨めっこをして遊んでいた。
De kinderen speelden het spelletje wie het langst kan staren.
De kinderen speelden het spelletje wie het langst kan staren.
2 het nauwlettend (be)kijken [bestuderen]; in de gaten houden
私は一日中、原稿と睨めっこしていた。
Ik heb de hele dag het manuscript zitten bestuderen.
Ik heb de hele dag het manuscript zitten bestuderen.
時刻表と睨めっこ する
de dienstregeling nauwlettend bekijken.
de dienstregeling nauwlettend bekijken.