れる areru
1 (van weersomstandigheden, ed.) ruw [wild; hevig] worden; razen
2 wild [woedend; razend; gewelddadig] worden
3 verlaten [verwaarloosd; in verval; in slechte staat] zijn [raken]
4 onrustig [verstoord; ontwricht] worden
5 (van de huid) ruw [beschadigd; uitgedroogd] worden
6 hevige schommelingen (in de markt) vertonen